Het is najaar 1986 wanneer vijf jonge kerels elkaar vinden in het Overijsselse Deventer. Twee dingen hebben ze gemeen, een grote voorliefde voor de muziek van post-Punk bands als The Cure, The Talking Heads en The Sisters of Mercy én ze zijn nieuw in de stad. Is het de tijdsgeest, de onderlinge chemie of een onuitgesproken drang om deel uit te kunnen maken van de Deventerse muziek-scene? Waarschijnlijk een combinatie van dat alles, maar al snel bouwen de heren aan een heel eigen repertoire. Diep, duister en melodieus. Vijf buitenstaanders in een nieuwe stad, eenlingen in de bruisende band-scene van dat moment. Als zonderlingen die tegen alle conventies in de aandacht weten te trekken. Nar-Cist is geboren.

Hendrik Kamerman, zang, Tony van Engelen op gitaar, Mirko Cocco op bas en Walter de Jonge achter de toetsen vormen in die jaren de basis van Nar-Cist. Een resem aan drummers passeert de revue voor Bas Hagen in 1992 de stokjes overneemt. Naast het waanzinnige tempo waarin de band eigen werk uit spuugt, werken ze ook aan een stevige live-reputatie. Eerst in home-town Deventer, maar al snel door het hele land. Nadat ze in hun ‘eigen’ Burgerweeshuis het voorprogramma mogen spelen van de legendarische band The Sound volgt een tour door Schotland. De reacties zijn lovend en een trouwe fanbase volgt de band overal. Zich niet bewust van de barstjes in het glazuur.  In de jaren negentig spat de droom als een zeepbel uiteen. Het is over.

2017, het overlijden van zanger Hendrik Kamerman slaat in als een bom. Totaal onverwacht vinden de overige vier bandleden elkaar terug. Het verwaterde contact wordt aan- en herinneringen opgehaald. Ondanks de decennia die verstreken en de sterk uiteenlopende levenspaden van de, inmiddels, heren, vinden ze elkaar terug in hun muziek. Verspreid door het land werken ze samen aan een wederopstanding. Instrumenten worden vanonder het stof gehaald en tot bloedens toe bespeeld om dat bekende geluid het nu nog virtuele oefenlokaal opnieuw te laten vullen. Ze kunnen het nog! ‘Thuis’ in Deventer wordt er voor het eerst weer echt samen gerepeteerd. De chemie is er nog steeds. Lang vergeten nummers vinden hun weg naar snaren, toetsen en drums. De reden die hen opnieuw bij elkaar bracht pijnlijk duidelijk, het gemis aan een zanger die het gat dat Hendrik Kamerman heeft achtergelaten kan vullen.

Vijf jonge honden vermomd als heren van middelbare leeftijd. Op het podium lijkt er niets verloren gegaan van de energie die ze dertig jaar geleden al uitstraalden. Het plezier en de liefde voor hun muziek zijn aanstekelijk, het geluid vol en overtuigend. Dit is de sound die Europa had kunnen veroveren, een sound die Europa kan veroveren, ook nu nog. Met Robert Bockting als nieuwe frontman staat Nar-Cist opnieuw als een huis. Je ziet, hoort en voelt dat het klikt. Met een geheel eigen repertoire dat even actueel als origineel is, is Nar-Cist geen herhaling van zetten. Dit is een band die zichzelf heeft teruggevonden. Klaar voor een nieuw hoofdstuk. Nar-Cist is back!

Contact ons voor boekingen

Download hier de bio en foto’s